Dit keer een multimediale blog! Afgelopen weekend was ik in mijn toekomstige woonplaats Brussel samen met mijn vriend Jop. Ik ‘vlogte’ zo goed als ik kan en maakte een video vol sfeerbeelden van ons tripje. Tijdens het weekend bezocht ik mijn stage én mijn nieuwe huis.

Op een zaterdag vertrokken we vanuit Tilburg naar België. Al snel zagen we door de ruiten van de trein het Nederlandse landschap veranderen in het herkenbare Belgische straatbeeld. De conducteur sprak ons niet alleen toe in het Nederlands, maar ook in het Frans en Engels. Eenmaal aangekomen in het hotel in het centrum van Brussel, zijn we gelijk de stad gaan verkennen en uiteten geweest. Eindeloze winkelstraten, exotische restaurants en helaas ook vele zwervers passeerden we. We hebben geprobeerd om met één van de vele elektrische stepjes ons een weg te banen door de Brusselse straten, dat was toch wel erg spannend met van die klinkerweggetjes. Maar het weekend was niet alleen maar voor de lol, er moesten ook zaken geregeld worden.

Via Facebook heb ik een toffe kamer gevonden waar ik me helemaal thuis kan gaan voelen. Het is een kamer in Schaerbeek, in het noorden van Brussel. Dicht bij de redactie van mijn stage. Ongeveer 40 minuten lopen en 15 minuten fietsen vanaf mijn toekomstige huis ligt de redactie van De Tijd, de krant waar ik stage ga lopen. De redactie is in een prachtige oude stationshal. Het idee dat dat mijn werkplaats wordt voor de komende maanden maakt me erg gelukkig.

Al met al ben ik verliefd geworden op de stad en kan ik eigenlijk niet meer wachten tot ik daar ga wonen. Hoewel er vast en zeker – of op z’n Vlaams: zeker en vast – momenten gaan komen waarin ik liever weer in Nederland woon, geniet ik van het verlangen op dit moment. Voordat ik mijn kamer had geregeld voelde mijn Brussel-avontuur als groot en overweldigend. Nu de zaken wat concreter zijn en ik bij wijze van spreken zo kan vertrekken, voel ik me zelfverzekerder. De wereld ligt letterlijk aan mijn voeten, binnen anderhalf uur ben ik in Parijs.

Frans

Over Parijs gesproken: ik ben pijnlijk geconfronteerd met mijn gebreken in de Franse taal. Het Frans is veel dominanter in Brussel dan ik dacht. Heel af en toe kon ik caissières en serveerders voor de gek houden met mijn ‘deux café’ en ‘merci’. Maar meestal moest ik ietwat beschaamd toegeven dat ik van de zojuist uitgesproken zin geen woord begreep. Gelukkig spreken veel mensen ook Engels en soms Vlaams.

Het lezen gaat me wel oké af. Ik heb de Franse variant van de Metro gelezen (echt jammer dat Nederland die krant niet meer fysiek op stations heeft liggen). Daar kon ik aardig wat uit opmaken qua context. Maar ik denk dat ik dagelijks met Frans in aanraking moet komen en dan de uitdaging moet aangaan en het gewoon proberen!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *